De helm - er is geen motorrijder zónder in ons landje, dat weet ik zeker. Je kunt verschillend denken over de gevaren van het motorrijden, maar over de noodzaak van een helm hoor je nooit iemand. Discussies over modellen en designs zijn er natuurlijk genoeg en veel is ook afhankelijk van het soort motorrijder dat je bent. Hoe anders blijkt het te zijn in het West-Afrikaanse Nigeria.
Daar is de helm pas sinds 1 januari van dit jaar verplicht voor de motorrijder en in plaats van dat zo'n regel met open armen wordt ontvangen stuit het juist op talloze bezwaren. Voor het eerste bezwaar is nog wel wat begrip op te brengen: de prijs van de helm. Kon je een jaar geleden nog een helm kopen voor een paar euro, inmiddels is de prijs dankzij de ongeschreven regels van het vraag-en-aanbod-spelletje door het plafond gegaan. Nigerianen proberen nu allerlei budgetvriendelijke alternatieven uit, zoals kapotgesneden oude autobanden, afgedankte verfbussen en gedroogde pompoenschillen. De effectiviteit is nooit onderzocht, maar het laat zich raden wat er met je koppie gebeurt als je met 80 km/h op het asfalt smakt en je hoofd wordt enkel beschermd door een halve kokosnoot die met een touwtje om je kin hangt. Dat wordt een heel onsmakelijke bende. En naar het schijnt verhuren wegwerkers hun bouwhelmen voor een paar euro per dag; ook al zo'n veilig idee, want die kun je volgens mij helemaal niet vastmaken. Een groot probleem vormen de okada's, een soort motortaxi's. Want niet alleen gedragen de chauffeurs zich als wilde beesten in het verkeer, de passagiers hebben grote moeite een helm op te doen die door iemand anders is gedragen. Ze vrezen voor huidziekten en voor zwarte magie, waardoor de passagiers van zo'n taxi gemakkelijk het slachtoffer zouden kunnen worden van een roofoverval of verschrikkelijke aandoeningen. Kortom, in het dichtstbevolkte Afrikaanse land zijn redenen genoeg om juist géén helm te hoeven dragen. De politie heeft gezegd geen uitzonderingen te maken en iedereen zonder afdoende bescherming op de bon te slingeren en zelfs de motor in beslag te nemen. Die je pas weer kunt ophalen als je je met helm meldt op het bureau. Nu schijnt de Nigeriaanse politie niet de allereerlijkste te zijn en kun je met wat onderhandelen en een 'aanmoedigingspremie' waarschijnlijk voor even het probleem de wereld uit helpen. Hartstikke leuk natuurlijk, zo'n spelletje regeltjes ontduiken. Maar moet je je eens voorstellen dat in een stad als Lagos, waar zo'n 14 miljoen mensen wonen en waar tienduizenden motorrijders (zonder rijbewijs en zonder dat ze kunnen lezen en schrijven!) dagelijks door het chaotische verkeer worstelen dat je dat zónder helm wilt doen? Dan heb je toch een steekje los? De risico's van het verkeer zijn toch vele malen groter dan de risico's van een beetje roos of - vooruit - iets erger: hoofdluis? En laten we niet vergeten dat je die dingen ook kunt oplopen op heel andere plekken die je óók regelmatig bezoekt. Een gespleten schedel heeft bij mijn weten nog nooit iemand bij kapper opgelopen.
Afgelopen weekend werden in het Brabantse Heesch alle kampioenen van de SOBW gehuldigd. De top-drie uit negen verschillende brommerklassen werden uitvoerig in het zonnetje gezet en ook de winnende teams van de 4-uursrace van Croix-en-Ternois kregen er hun bekers overhandigd.
Het werd een prachtige afsluiting van mijn eerste wegrace-seizoen bij de Stichting Organisatie Brommer Wegraces, want naast een prachtige beker voor mijn derde plaats in de Yamaha TZR50 Cup, werd ik samen met teamgenoot (en TZR-kampioen) Joost den Otter ook nog eens gehuldigd voor onze totaalzege in de bewogen slotrace in Noord-Frankrijk. Zo snel kan het dus gaan: amper een half jaar geleden begon ik aan dit avontuur zonder enige wedstrijdervaring en voor je goed en wel beseft wat je overkomt, word je door Jos Damen geïnterviewd op het podium van Cultureel Centrum de Pas. Daar sta je dan met je bekers en je bloemen, overweldigd door emoties, maar vooral ook door al die fantastische herinneringen die op zo’n dag nog een keer de revue passeren.
Terugblikkend op mijn eerste wegrace-seizoen kan ik alleen maar concluderen dat mijn eerste competitiejaar alle verwachtingen heeft overtroffen. Niet alleen in sportief opzicht, maar vooral ook vanwege de ontspannen en gemoedelijke sfeer bij de SOBW, die zo belangrijk is als je pas begint met racen. Al vrij snel wist ik: dit is de sport waar ik mee door wil gaan, ongeacht de resultaten. Per slot van rekening had ik nauwelijks ervaring en moest ik alles nog leren. Maar dat ging veel sneller dan ik aanvankelijk had gedacht. ‘Racen kun je alleen maar leren door het te doén’, zei mijn vader voor mijn eerste wedstrijd in Staphorst en voor een keertje had hij gelijk. Meters maken, de juiste lijnen rijden, rempunten bepalen, schakelen in het juiste toerental, wedstrijdervaring opbouwen... Dat zijn allemaal zaken die je pas echt goed onder de knie krijgt als je veel wedstrijdkilometers kunt rijden.
Zoals ik al zei: de wedstrijdformule van de SOBW is de beste leerschool wat dat betreft, want naast een vrije training en een pole-kwalificatie mag je ook nog eens twee manches van twintig minuten racen. Natuurlijk heb ik gedurende het seizoen ook wel een paar kleine teleurstellingen gekend, maar die wegen niet op tegen al het plezier dat ik aan mijn eerste seizoen heb beleefd! Ik heb ontzettend genoten, heel veel geleerd en ook veel nieuwe race-vrienden gemaakt.
In dat opzicht wil ik vooral Joost den Otter en zijn vader Jacco bedanken, want de steun en hulp die ik van hun heb gekregen was met geen geld te betalen. Naar het eind van het seizoen werd Joost mijn belangrijkste tegenstander, maar naast de baan bleven we gewoon de beste vrienden. Dat we samen een team zouden vormen voor de 4-uursrace van Croix-en-Ternois lag min of meer voor de hand, want eigenlijk waren we gedurende het seizoen al min of meer teamgenoten. Dat we uiteindelijk ook nog eens de kletsnatte slotwedstrijd van Croix wisten te winnen, was zondermeer de bekroning van het seizoen. Juist vanwege die extreme weersomstandigheden werd Croix een wedstrijd om nooit te vergeten. Net als alle andere deelnemers die Croix hebben uitgereden, was ik aan het eind doodop en verkleumd tot op het bot, maar de euforie die je ervaart als je die finishvlag passeert, is werkelijk met geen pen te beschrijven.
Croix was in alle opzichten een van de hoogtepunten van het seizoen, zowel voor Joost als voor mijzelf, maar persoonlijk vond ik de race in het Brabantse Veldhoven nog mooier. Niet alleen omdat ik daar mijn eerste overwinning behaalde, maar vooral vanwege het zenuwslopende gevecht met Allard van Zijderveld dat eraan vooraf ging. Dat zijn toch de wedstrijden die je het langst bijblijven, want winnen zonder tegenstand is helemaal niet leuk. De wedstrijd in Lelystad na de zomerstop was daar het beste voorbeeld van.
Wat ik volgend jaar ga doen? Daar zijn we nog druk mee bezig, maar ik blijf nog wel een jaar bij de SOBW rijden. Ik wil langs deze weg ook alle mensen bedanken die mij dit jaar belangeloos hebben gesteund. Qua materiaalsponsors gaat mijn dank in de eerste plaats naar Yamaha Nederland en vooral ook naar Gebben Motoren uit Rogat voor de preparatie van de TZR50 voor de race in Croix. Verder natuurlijk ook Bridgestone, MJK Leathers, Shark en Alpinestars voor de sponsoring van de banden en de kleding en in het bijzonder de KNMV voor het regelen van alle opstapdagen die ik inmiddels in de diverse motordisciplines heb kunnen doorlopen. Maar een dankwoord is zeker ook op zijn plaats voor alle medewerkers en officials van de SOBW, die elk weekend hun belangeloze medewerking verlenen en die ervoor zorgen dat alle races vlekkeloos verlopen. Tot besluit wil ik het slotwoord geven aan Joost den Otter, de kampioen in de TZR50-klasse en bovendien mijn teamgenoot tijdens de succesvolle 4-uursrace van Croix-en-Ternois.
Joost den Otter in actie
Joost den Otter: “Ik kan alleen maar beamen wat Dennis allemaal heeft verteld. Nogmaals: wat was ik blij dat dat kleine ventje uit Raalte pas halverwege het seizoen is begonnen met racen, want anders had ik het een stuk lastiger gehad voor het behalen van de titel, haha. Na een overmoedige start, waarbij ik aanvankelijk iets te makkelijk dacht over het racen op een kartcircuit, heb ik toch een heel succesvol race-seizoen gehad. Ik heb veel geleerd, veel racevrienden gemaakt en vooral veel genoten. Mijn machine heb ik zelf altijd super kunnen onderhouden dank zij de steun van een aantal trouwe sponsoren. Langs deze weg wil ik de volgende sponsoren bedanken voor hun financiele bijdrage tijdens het 2008-seizoen: financieel adviesbureau van Elswijk en Bike XL uit Hoogeveen, Land van Leer uit Staphorst, Camping Torentjeshoek uit Dwingeloo, Speedsterrent en studio Zwolle. Stuk voor stuk hebben zij een belangrijke bijdrage geleverd aan het behalen van de Nederlandse titel in de Yamaha TZR50-klasse. Ook de SOBW heeft haar steentje bijgedragen, want hun begeleiding was super! Graag wil ik volgend seizoen overstappen naar een snellere klasse, maar daarvoor moet ik nog wel een aantal extra sponsoren zien te krijgen, want anders wordt het financieel erg moeilijk vrees ik. Ik ben tenslotte nog maar een timmerman in opleiding.”
Juist op de dag dat het regent, hagelt en stormt mag ik mijn examen bijzondere verrichtingen doen…. Op weg naar het CBR-terrein in Amsterdam merk ik op de snelweg hoe de wind me opzij duwt: ik hang schuin op de weg! Maar met de juiste snelheid komt het wel goed…
Aangekomen inspecteren we het terrein en bekijken hoe de verschillende oefeningen zijn uitgezet. Dan doen we alle oefeningen die ik moeilijk vind nog eens op het parkeerterrein ernaast. Mede-cursist Thijs, rijdend op een ‘gewone motor’, doorloopt alles makkelijk en heeft er wel vertrouwen in. Ik daarentegen….
Heb de nacht ervoor slecht geslapen en verknal nu alles bij het oefenen van de zenuwen! Als dat maar goed gaat. We gaan naar binnen om kennis te maken met de examinatoren. Onze examinator blijkt wat ruimte in zijn schema over te hebben, dus Thijs mag meteen aan de slag. Ik eet ondertussen nog even een banaan, schijnt goed te zijn voor de zenuwen, maar kan niet zeggen dat het echt helpt.
Ik zie dat Thijs in de hagel alle opdrachten goed doorloopt en uiteindelijk krijgt hij een hand van de examinator: hij heeft het gehaald! Dan ben ik aan de beurt, mijn hart bonkt in mijn keel! Ik moet achtereenvolgens de volgende opdrachten doen: lopen en inparkeren aan de hand, een korte slalom, wegrijden uit een parkeervak, de uitwijkoefening, de vertragingsoefening, de noodstop en tenslotte de stopproef. Alleen de vertragingsoefening doe ik niet voldoende, maar dan komt toch het verlossende woord van de examinator: ik ben geslaagd!!!
Vol trots vieren we onze overwinning op het weer en de oefeningen met een lunch bij ons op kantoor. Op de foto zie je het resultaat! Nu gaan we hard aan de slag met de verkeersdeelneming, op naar het volgende examen!
In de vorige aflevering konden jullie lezen hoe Eefje Damen, Junior Marketing Manager MOTO73, haar eerste meters maakte met de Yamaha X-Max. Dat ging zo goed dat Eefje nu klaar is voor het echte werk: de T-Max. En dat is toch wel anders…
Les 3: De witte X-Max wordt dus vanaf deze les ingeruild voor de zwaardere zwarte T-Max. Deze motorscooter is langer en groter, maar laat zich net zo makkelijk bedienen. Een ander pluspunt: hij heeft ABS. Na wat rondjes te hebben gereden om de motor te leren aanvoelen, is het tijd voor een nieuwe oefening: de precisiestop. Ik kom met 50 km aanrijden en de T-Max moet precies tussen 2 pylonen tot stilstand zijn gekomen. Erg lastig, ik stop telkens te vroeg! Na veel oefenen gaan we over op een andere oefening: de uitwijkoefening. Het lijkt allemaal zo eenvoudig als ik het een ander zie doen, maar als ik zelf aan kom rijden met 50 km blijkt het niet zo makkelijk! De truc: meer met de heupen werken om de scooter ‘om te gooien’. Aan het einde van de les gaan we over tot mijn favoriete onderdeel: het rijden op de weg! Ook met de T-Max blijkt dat een waar feest. Instructeur Rob leidt me over verschillende wegsituaties. Ook moet ik scherpe bochten en halve draaien maken, dat gaat allemaal super!
Les 4: Er heeft wat tijd tussen mijn lessen gezeten door een vakantie, maar nu ga ik er weer tegenaan! Vandaag herhalen we alle bijzondere verrichtingen die we al eerder hebben geoefend, zoals de uitwijkoefening, de precisiestop, langzame slalom en de stopproef. Instructeur Rob zet de pylonen verder uit elkaar en maakt van de korte slalom een lange slalom: ook hier is het weer belangrijk om de heupen te laten werken om de motor makkelijk op snelheid door de poortjes te manoeuvreren. Bij het oefenen van de noodstop merk ik de werking van de ABS op de T-Max, ik hoor en voel getik bij het plotselinge hevige remmen. De motor komt mooi tot stilstand, maar ik vergeet vooruit te kijken. Overdoen dus, net zo lang tot het goed gaat! Ongeduldig als ik ben kijk ik natuurlijk weer uit naar de ‘beloning’ van de les, het rijden op de weg. Terwijl de wind langs mijn helm suist en de vliegtuigen opstijgen bij Schiphol, rij ik met een vrij gevoel achter Rob aan!
In het volgende deel is het zover: het examen voor de bijzondere verrichtingen staat op het programma. Brrr…
Met totaal geen motorervaring begin ik aan een nieuwe uitdaging: het halen van mijn motorscooterrijbewijs. In een mooi Yamaha-pak uit de collectie van 2009 (speciaal voor scooterrijders) en een splinternieuwe Shoei-helm reis ik af naar Schiphol-Rijk om de gloednieuwe witte Yamaha X-Max te bestijgen. Direct merk ik hoe makkelijk de X-Max rijdt.
Mijn verleden op brommers en scooters drijft weer boven, tot ik gas geef: er zit veel meer power in deze scooters! De eerste les gaat het vooral om het leren kennen van de X-Max, dus mag ik van instructeur Rob Wilshaus heen en weer rijden op een stuk weg waar zelden iemand komt. Een leuke kennismaking met de motorscooter!
Bij de aanvang van de tweede les stap ik vol vertrouwen op de motorscooter om zelf naar het lesterreintje te rijden. Ook de heer Pieter Stalenhoef, 62 jaar oud, doet met een zwarte T-Max mee aan de les. We gaan direct aan de slag met pionnen. Ik leer om de motorscooter trekkend te houden.
Eefje Damen in actie
Ook leer ik om een halve maan op de weg te maken om te keren. Als je hierbij de scooter ook trekkend houdt, kun je makkelijk draaien. Een moeilijkere opdracht is het rijden van een rondje om de instructeur, waarbij ik moet blijven kijken naar zijn vinger. Deze opdracht leert me dat het belangrijk is om door te kijken in plaats van op mijn dashboard te turen.
Na aardig wat rondjes ben ik er wel duizelig van, dat komt volgens instructeur Rob doordat het evenwichtsorgaan wat coördinatieproblemen heeft door alle rondjes. De pylonen worden anders opgesteld en dienen nu als startlijn voor de stopproef. Met 50 kilometer rijden de heer Stalenhoef en ik op de pylonen af. Eerst hou ik de voorrem half in, daarna trek ik hem door en pak ik ook de achterrem erbij. Ook hierbij is het weer belangrijk dat ik goed me uit kijk naar de horizon en niet naar het dashboard.
Pieter Stalenhoef in actie
De laatste oefening is het rijden van een bocht. Het lijkt zo simpel, maar het doorkijken in de bocht kost me toch wat moeite. Na verschillende keren heen en weer rijden lukt me het me dan ook. Het leukste vind ik het rijden op de weg. Een heel avontuur: de eerste keer 100 km op twee wielen is erg bijzonder!
In de volgende aflevering ga ik voor het eerst met de zwaardere modellen rijden. En dat is toch iets anders…
Vandaag heb ik heel iets anders geprobeerd dan brommerraces. Op de sintelbaan circuit naast het Midland Circuit van Lelystad heb ik voor het eerst met een speedwaymotor gereden.
Deze instructiedag werd georganiseerd door de KNMV en was bedoeld om onervaren coureurs (zoals ik dus) kennis te laten maken met de baansport. Oorspronkelijk stond de training voor zondag gepland maar vanwege de slechte weersvoorspellingen werd het vervroegd naar zaterdag. Vrijdag om 4 uur kreeg ik pas te horen dat de kennismakingsdag was verschoven naar zaterdag, maar achteraf bleek het toch een terechte beslissing, want het was prachtig weer. Dat was het de dagen ervoor beslist niet geweest, want zowat het hele middenterrein stond blank! De medewerkers van het Speedwaycircuit van Lelystad waren ’s ochtends al druk bezig met al het water weg te pompen en de baan te prepareren. Ik kende speedway alleen maar van de TV-uitzendingen op Eurosport en dan krijg je dit soort dingen natuurlijk nooit te zien. Maar dat de preparatie van de baan heel belangrijk is, zou later wel blijken.
Kort daarna kregen we een theorieles over het rijden, de vlaggen, veiligheid enz. Veel van deze informatie wist ik eigenlijk al, want toen ik met brommerracen begon bij de S.O.B.W. moet ik ook eerst een theorie-examen afleggen voor ik kon gaan racen. Eerlijk gezegd vond ik de theorieles wel iets te langdradig, maar als je net met de motorsport begint heb je die informatie toch wel nodig. Toen we eindelijk klaar waren moesten we in een kwartier met alle crosskleding op de baan staan voor een warming up-training. Normaal moet ik tien van zulke rondjes doen bij de voetbaltraining maar dat is toch veel makelijker dan dat je dat met al je crosskleding plus die zware speedwaylaarzen (met stalen slof, jawel!) moet lopen. Bij de brommerraces begin ik zonder enige opwarming aan de vrije training maar bij deze sport moet je je spieren echt wel opwarmen voor je gaat rijden. Anders raak je gegarandeerd geblesseerd, want de belasting van op je linker bovenbeen is echt verschrikkelijk zwaar.
Na de opwarminstraining was iedereen klaar voor de start van de eerste motortraining. Want daar was natuurlijk iedereen voor naar Lelystad gekomen. Vergeleken met mijn Yamaha TZR50 voelde deze 125cc speedwaymotor in het begin toch wel heel vreemd aan. Voor mijn gevoel woog het ding bijna niets en op de rechte stukken voelde het frame heel wiebelig aan. Het blok reageerde ook totaal anders op het gas dan wat ik gewend was. Deze dingen lopen niet op benzine maar op methanol, waardoor je relatief weinig topvermogen hebt, maar wel een heel sterk koppel. Nou, dat is precies het tegengestelde van mijn tweetaktracer, want die moet je echt op toeren houden wil je de snelheid erin houden. Het eerste wat ik dacht toen ik er opstapte was: waar zijn de remmen??? Nou die waren er dus niet. Remmen doe je op de motor en verder helemaal niets.
Volgens mijn vader was dat ooit ingevoerd om de onderlinge snelheidsverschillen zo klein mogelijk te houden. Daar valt wat voor te zeggen, want als je gaat remmen is de kans op ongevallen natuurlijk een stuk groter. Maar dan nog... Na verloop van tijd wen je er wel aan, maar voor je gevoel klopt er toch iets niet als je zonder remmen moet gaan racen. Ook de zitpositie is totaal anders dan wat je gewend bent. De stepjes staan helemaal naar voren en de voorvork staat onder een extreem steile hoek. Achtervering heb je sowieso niet, wat er op neerkomt je elke hobbel in het circuit ook daadwerkelijk voelt. Die hobbels voel je trouwens ook in je linkervoet, ondanks de bescherming van de stalen slof. Die moet er voor zorgen dat je voet niet dubbel klapt tijdens het rijden, wat met een normale crosslaars gegarandeerd wel zou gebeuren. Je hebt wel versnellingen, maar die gebruik je eigenlijk alleen bij de start. Daarna laat je de motor gewoon in z’n hoogste versnelling staan.
Tijdens het rijden heb je nauwelijks tijd om even op adem te komen. Een speedway-wedstrijd wordt verreden over vier rondjes, maar die zijn minstens zo zwaar dan 20 ronden op een normaal race-circuit. In de eerste training reed ik meteen vijfien rondjes maar toen ik van de motor stapte had ik al heel erg veel last van kramp en ik wist dat dat pas het begin was. Na een pauze van ongeveer een half uurtje met twee broodjes en cola gingen we er tegenaan (dacht ik). Want we kregen nog een kleine theorie hoe we de motor moeten onderhouden. Gelukkig duurde het dit keer niet zo lang want daarna mocht ik alweer de baan op. Dat was toch wel het leukste van deze opstapdag: dat iedereen heel veel rondjes kon rijden. Je kunt wel heel veel vertellen over speedway, maar uiteindelijk moet je het gevoel om dwars te gaan toch krijgen door zoveel mogelijk te rijden.
Wat met name goed geregeld was, was de begeleiding. De KNMV had twee professionele rijders ingehuurd om alle beginnelingen de fijne kneepjes bij te brengen en dat werkte perfect. Op een speedwaymotor is de houding op de motor ontzettend belangrijk en dat werd heel goed uitgelegd. Ik kreeg heel goede adviezen van Nederlands kampioen Jannick de Jong, waardoor na verloop van tijd ook de kramp in mijn benen wat minder werd. Nadat Jannick een startdemonstratie had gegeven, mochten we zelf een keer de startsensatie van een speedwaywedstrijd ervaren. In een speedwayrace start je achter een startlint dat omhoog klapt. Een wedstrijd duurt maar vier rondjes, dus je start is echt superbelangrijk. Als je die verknoeit heb je de wedstrijd eigenlijk al verloren.
De startprocedure was ook totaal anders dan wat ik gewend was bij de brommerraces: eerst verschijnt de wedstrijdleider die wacht tot iedereen stil staat achter het startlint. Zodra hij zijn armen spreid moet je de groene lamp in de gaten houden. Daarna is het een kwestie van heel geconcentreerd naar het startlint te kijken, want als dat omhoog klapt moet je meteen vol op het gas. Natuurlijk was dit geen echte race, maar de kick was er beslist niet minder om. Echt gaaf! Mijn eerste start was niet zo goed maar ik kwam toch als tweede door de eerste bocht en werd uiteindelijk tweede. De tweede start ging lekker en had ik meteen kopstart.
Na het eerste rondje werd de gele vlag met een kruis er doorheen getoond. De gele vlag kende ik wel, maar deze dus niet. Het bleek de vlag waarmee de laatste ronde werd aangeduid. Was ik dus voor niets van het gas gegaan, waardoor ik alsnog tweede werd. Hiermee was meteen ook de KNMV-opstapdag ten einde, want na deze starttraining moest de baan worden afgesloten. Ik wist vooraf niet wat mij te wachten stond en of speedway wel een leuke sport was die bij mij paste. In het begin was het even wennen, maar toen ik de techniek een beetje onder de knie begon te krijgen, kreeg ik er steeds meer zin in. Het is wel een heel specialistische sport, waar je je volledig moet op toeleggen om voorin te kunnen rijden. Het is geen sport die je er eventjes zomaar bij doet. Echt driften heb ik niet gedaan. Daarvoor is zo’n training toch net iets te kort. Maar het is wel ontzettend gaaf om te doen en je leert toch weer ontzettend veel bij. Na zo’n dag krijg je wel respect voor de topcoureurs in deze sport. Om echt hard te gaan moet je een groot hart hebben!
De baansportcommissie van de KNMV wil volgend jaar een aantal van deze trainingen voor de jeugd gaan organiseren. Ik hoop dat ik dan nog een keertje kan proberen, want driften lijkt me echt geweldig. Het gevoel om helemaal dwars alles onder controle te hebben, kun je denk ik met weinig andere motorsporten vergelijken. Niet voor niets hebben de meeste coureurs in het WK Superbike en de MotoGP hun ervaring van het driften in speedway of dirttrack opgedaan.
Meer info over speedway kun je vinden op de website van de KNMV (www.knmv.nl). Het is beslist een aanrader om een keertje in te schrijven voor zo’n speedwaytraining, want zo’n instructiedag is gewoon ontzettend leuk om een keer mee te maken!
Het afgelopen seizoen is voor mij een geweldig jaar geweest. Na drie jaar brommerrace is de SV-cup een hele mooie doorgroei voor mij geweest. Natuurlijk zag het er niet zo heel rooskleurig uit aan het begin met de geluids problemen maar we hebben naar mijn mening toch een mooi seizoen gehad met prachtige wedstrijden.
Het was voor ons allemaal nieuw en we wisten ook niet goed wat we van mijn prestaties konden verwachten. Na de eerste race in Eemshaven, waar ik gelijk de pole pakte en een tweede plek in de wedstrijd, begonnen we wel een beetje aan het kampioenschap te denken natuurlijk. Dat ging al snel weer over want ik scoorde daarna twee keer een nul, door een domme fout in de tweede en technische problemen in de derde wedstrijd.
De rest van het seizoen ging gelukkig wel goed met een overwinning in de vierde wedstrijd stond ik ineens weer derde in het kampioenschap. Toen nog een tweede plek in de vijfde en in de zesde wedstrijd. Tijdens de CRT Racing Days ging het helemaal super met de eerste startplek, winnen met 9 seconde voorsprong en erg goede rondetijden. Toen stond ik dus tweede met maar zes punten achterstand op Niek Leeuwis .
De laatste wedstrijd was echt heel erg spannend met drie rijders die kampioen konden worden. Ik ging zelf nog onderuit in de kwalificatie dus dat was niet echt een lekker begin. In de wedstrijd ging Niek in de eerste ronde jammer genoeg voor hem onderuit. Ik kon de wedstrijd vrij safe op de tweede plek uit rijden en kampioen worden. Pech voor Niek, maar ja dat had ik aan het begin ook gehad. Het blijft racen hè..
Dus ja, Nederlands kampioen in het eerste seizoen. Ik had het niet durven dromen vorig jaar, maar het is toch waar. Tevens heb ik dit seizoen nog wat wedstrijden bij in de brommerrace gereden en daar ben ik in het kampioenschap ook nog tweede geworden.
We zijn momenteel al druk bezig met volgend jaar. Het doel is om te gaan starten in het ONK Supersport. In samenwerking met Suzuki dealer Motorhuis de Valkenier gaan we dit proberen te realiseren. Om te beginnen is het ONK het doel, verder kijk ik op het moment nog niet echt. Ik denk dat het ONK namelijk al een hele grote stap is…
Het was alweer het laatste race weekend voor de 3DCup, helaas. Zeven mooie en spannende wedstrijden in drie verschillende landen; Nederland, Duitsland en Engeland. Maar de laatste wedstrijd gaat van start op ons vertrouwde circuit van Assen.
De laatste loodjes wegen zwaar, maar niet voor Leon Bovee. De nummer één van het klassement voorafgaand aan de laatste race in Assen zag tot zijn grote vreugde dat eindelijk de weersvoorspellingen goed waren. Geen regen! Met de pole voor Leon Bovee en de tweede plaats voor Marijn Tieleman, Jeroen Westendorp en Hein Konings als drie en vier kan het een spannende middag worden. John Middelkoop gaat als zesde van start, net achter Raymond Wilhelm. Vierenveertig deelnemers op de grid en daarmee de grootste klasse tijdens deze CRT Racedays 2008! Mooi!
Meteen in de eerste ronde gaan Leon Bovee en Marijn Tieleman er vandoor. De twee kemphanen maken er een geweldige show van, de ene keer Leon Bovee en dan weer Marijn Tieleman aan de leiding. Erachter is het Hein Konings die een eenzame race rijdt op de derde plaats. De spanning is voelbaar en overal door het veld worden onderlinge gevechten uitgevochten. Fred Cuijpers heeft het zwaar aan de stok met Harold Kock, Raymond Wilhelm ziet Hans van der Heijden de hele wedstrijd net achter of voor zich, Jan Rooijakkers en Chris van Thiel hebben een mooi gevecht, Roy Rollman en Arno van Doorn strijden om elke millimeter. In de slotfase is nog niets beslist voor de einduitslag en Leon Bovee gaat in de Geert Timmerbocht Marijn Tieleman voorbij en weet in de laatste meters de voorsprong te houden. Winst voor Leon Bovee die daarmee ook het kampioenschap behaalt. Hein Konings komt als derde over de streep, maar vanwege een jumpstart en de daarbij horende 20 seconden straftijd valt hij terug naar plaats zes. Jeroen Westendorp komt nu als derde op het podium.
Bij de huldiging is er ook aandacht voor de nummers één tot en met zes van het algemeen klassement van de 3DCup. Met mooie handgemaakte bekers, kado’s namens Ducati North Europe, trotse en blije gezichten neemt iedereen het applaus in ontvangst. Met dank aan Ducati, de deelnemende dealers, de rijders en de familie Middelkoop, vormt deze dag een mooi besluit van een geweldig seizoen.
In de aansluitende 500 kilometer race komen ook nog veel 3DCup rijders in actie. Zo is er het Bovee Racing Team met Leon Bovee en Marijn Tieleman. De twee kemphanen in de 3DCup race gaan sterk in de wedstrijd, liggen een poosje derde, maar eindigen uiteindelijk als achtste door een kleine valpartij. Sander Schipper komt aan de start in het Ducracing team met Fred Kranenburg en Jan Bults. Team Ducati Zaltbommel met Chris van Thiel, Jan Rooijakkers, Ronald van de Wal en Hans van der Heijden doet het goed met een 26ste plaats. Tenslotte is er nog het team van Arno’s Angels: Arno van Doorn die met het aantrekkelijke gezelschap van drie dames, Bernice Sangers, Priscylla Beentjes en Peggy Appelmans de eindstreep wist te halen.
Zaterdag 4 oktober was de laatste race van dit jaar. Het zou een wisselvallige dag worden met regen en droge periodes. Tijdens eerste kwalificatie was de baan nog erg vochtig. Het was wel droog maar opdrogen deed de baan niet.
Dus met regenbanden de baan op en een beetje rustig rijden. Maar al snel voelde het allemaal erg lekker en reed ik aardig wat mensen voorbij. Ik was continue bezig met mensen inhalen. Hierdoor kon ik niet echt een rondje er vol voor gaan, dit resulteerde in een 2:28,942. En een 8ste tijd in de B groep.
De tweede kwalificatie was het droog maar de baan had maar een paar droge plekjes. Ik besloot om deze kwalificatie weer op de regenbanden te gaan rijden. Helaas was dit een verkeerde keuze, de baan was zo goed als opgedroogd, alleen op het rechte stuk bij start/finish was het nog vochtig. Uiteindelijk een 2:13,429 gereden wat een 23ste tijd betekend in groep B.
Na de pauze was de opstelling bekend. Omdat ik de tweede kwalificatie op regenbanden reed en de meeste mensen op normale stond ik redelijk achteraan in groep B. De 18de positie. Dus rij 5 en dan de tweede van links.
Voor de race had het niet meer geregend en de baan was helemaal opgedroogd, snel de nieuwe racebanden gemonteerd. En op naar de wedstrijd. Opstellen maar en wachten op het rode licht. Daar begon het te branden en na een seconde of 4 ging het weer uit. Vol het gas erop en gaan.
Snel naar links proberen te komen om buitenom in de haarbocht mensen in te halen. Niko, een maat, schoot me voorbij met het hetzelfde plannetje. Eerste rondje kwam ik als 11de over de finish, dus al 7 mensen ingehaald. Helaas kwamen er een paar snelle rijders mij voorbij en lag ik in de derde ronde alweer 15de. De motor voelde goed en de bandjes gaven een mega grip tel daarbij op dat al mijn collega’s langs de kant stonden te kijken en de knop ging om.
Hup, snel Bas Borghouts voorbij, mijn Brabantse vriend welke normaal gesproken niet bij te houden is. De volgende ronde Chris Huffmeijer voorbij en Robert Eisses. De ronde erna Daan Donders en ik lag alweer 12de in de vijfde ronde. Terwijl ik de Strubbe uitkwam zag ik de volgende rijders net aan het eind van de Veenslang rijden.
Ik had drie ronde nodig om dat gat dicht te rijden naar Jos Campo en Dirk Evers. Deze twee rijders waren aan het stoeien met elkaar en omdat het inmiddels de laatste ronde was gaven ze elkaar geen millimeter de ruimte. Einde Veenslang wilde Jos Dirk eruit remmen en terwijl hij dat deed remde ik Jos eruit om vervolgens als eerst de chicane in te duiken, nu snel het gas erop gooien zodat ze me straks niet meer in kunnen halen. Dit lukte allemaal en toen ik de GT uitkwam keek ik achterom en zat alleen Jos vlak achter me en 3 seconde daarachter Dirk. Ik was als 9de gefinisht.
Alhoewel ik niet op het podium stond was het een geweldige inhaal race. De snelste ronde was een 1:56,856 weer niet in de 1:55 maar dat maakt niet uit. Ik heb weer genoten en mijn collega’s ook. PepperByte en PepperCrew members bedankt voor jullie support. Maple Leaf Racing Pictures bedankt voor de mooie foto’s.
Laten we voorop stellen dat de CRT Endurance race een geweldig mooi evenement is en zeker moet blijven. Wat Team N 254 betreft we hadden een leuk team dat gezien rondetijden erg dicht bij elkaar en resulteerde in een 19e startpositie met een berekende tijd van 1.53.4.
Ondergetekende, Kees van de Kreeke, mocht de start voor z’n rekening nemen wat een beleving op zich is. Na een ronde of 10 op plaats 25 slaat het noodlot toe, ik ga over het voorwiel weg in de Ramshoek. Niet de meest ideale plek om te crash. Gelukkig kom ik er wonderbaarlijk genoeg zonder verwondingen weg. Mijn motor daarentegen…
M’n team genoten William en Hanco rijden fantastisch en komen terug van p44 naar 30 als William mij vraagt of ik met zijn motor wil rijden. Ik kan de verleiding niet weerstaan en stap er op voor mijn aandeel, het is even wennen van de 1000 naar de 600 maar het gevoel komt weer snel terug en besluit er weer voor te gaan
Maar… Na 7 ronden overkomt mij precies hetzelfde en ga ik met de fiets van m’n teamgenoot en kameraad wederom met hoge snelheid in de Ramshoek eraf. Ik kom er zelf wederom goed mee weg. Wat is er dan erger dan de fiets van je maat kort rijden? Niets! Op dat moment stort m’n wereld even in en wil eigenlijk niet terug naar het rennerskwartier. Gelukkig word ik goed opgevangen door William en Hanco rijd zich nog even helemaal uit de naad om vervolgens op een 36e plaats te finishen.
Bedankt jongens, jullie zijn werelds!
En wie gaat er na 2 keer hard eraf gegaan zijn in de Ramshoek ‘s avonds gezond gewoon naar huis? Vraag dat anders maar aan Loris Capirossi en Jophn Hopkins…